WAAROM DE CDA RAADSFRACTIE OVER HERINDELING ANDERS
BESLISTE DAN VERMELD IN HET VERKIEZINGSPROGRAMMA
De algemene
stelregel voor een raadsfractie is, dat wat je in je verkiezingsprogramma
belooft, je ook moet doen/waarmaken. Het is immers zo, dat de kiezer juist op
de partij heeft gestemd vanwege het gepresenteerde programma en de (te
verwachten) geschiktheid van de kandidaten. Kortom: je stemt op de partij waar
je het meeste vertrouwen in hebt.
Wat nu, als die
partij (fractie) toch anders beslist dan is beloofd?
Over de
gemeentelijke herindeling staat immers in het programma dat het CDA niet voor
een gemeentelijke herindeling is en wat gebeurt er? Er wordt toch gestemd voor
een gemeentelijke herindeling met meerdere gemeentes.
Wat zijn dan die
motieven om toch (op dit zwaarwegend punt) “anders” te beslissen?
Wij doen een poging
u dit zo goed mogelijk uit te leggen.
Van een raadslid mag
je verwachten, dat hij/zij zich bezighoudt met alle zaken, die zich “in het
gemeentelijk bedrijf” voordoen. Vaak worden deze eerst via het presidium
(fractievoorzitters) besproken, waarna de overige fractieleden door hun
voorzitters worden “bijgepraat”. Zo komen beleidsaspecten aan de orde en de
uitwerking/uitvoering daarvan door college/raad, bijgestaan door het ambtelijk apparaat.
Ook zaken als decentralisatie van taken/verantwoordelijkheden van rijk naar
gemeenten c.q. de bestuurskracht van de gemeente zijn regelmatig onderwerp van
gesprek.
Bij dit alles rijst
dan geleidelijk de vraag, of het voor zowel bestuur als het ambtelijk apparaat
nog wel mogelijk is om alle (nieuwe) taken naar behoren uit te voeren.
Samenwerken in allerlei vormen met andere gemeenten is dan een optie, maar na
grondige afwegingen wordt hier niet voor gekozen.
Is herindelen van de
gemeente met één of meerdere gemeenten dan een optie? In eerste aanleg niet,
want alle fracties hebben immers in hun betreffende verkiezingsprogramma
aangegeven niet voor een herindeling te gaan.
Maar is op deze
wijze doorgaan dan wel een optie?
Neen, voor zowel
bestuur als ambtelijke organisatie wordt het steeds moeilijker om de (nieuwe)
taken steeds naar behoren uit te voeren. De burger heeft daar immers recht op.
Na rijp beraad en
afweging van alle belangen werd in het 1e halfjaar 2008 besloten om
alle “voors en tegens” eens op een rijtje te zetten.
In die tijd speelden
dezelfde problemen in de gemeente Wieringermeer en wat is dan een logisch
gevolg? Je bespreekt de problemen met elkaar en kijkt of je elkaar op een
bepaalde manier kunt versterken.
Dit leidde in mei 2008
tot een initiatiefvoorstel van alle fractievoorzitters in de raad om eens
verkennende gesprekken te voeren over samenwerken/herindelen met de besturen
van alle voormalige Gewestgemeenten uitgezonderd Den Helder.
In het voorstel
werden enkele uitgangspunten opgenomen, waaronder het punt dat in eerste aanleg
niet werd gekozen voor een z.g. stedelijke gemeente, waarmede Schagen werd
bedoeld.
Het voorstel werd
raadsbreed ondersteund. Die gesprekken zijn door het college in de periode juni
tot en met november 2008 gevoerd. Op dat moment bleek dat inzake een mogelijke
herindeling de gemeenten Niedorp en Wieringermeer het verst gevorderd waren.
De gemeente
Harenkarspel was nog niet aan dergelijke gesprekken toe en in deze gemeente
volgde later bovendien nog een bestuurscrisis, waardoor gesprekken over een
mogelijke herindeling weer naar later werden verschoven.
Natuurlijk ga je betreffende
zoiets belangrijks niet over “één nacht ijs” en wil je je als raadslid
uitvoerig laten voorlichten. Dit heeft geresulteerd in het uitbrengen van
meerdere rapporten. Eerst werd er door bureau BMC een rapport opgesteld betreffende
de positiebepaling van Niedorp en Wieringermeer, later gevolgd door een rapport
van bureau 4Motion, waarbij onderzoek werd gedaan naar de ruimtelijke effecten.
Ook de financiële
situatie werd middels een quickscan (onderzoek) van Deloitte belicht.
Dit alles
resulteerde -ondanks dat niet al het gerapporteerde “rozengeur en maneschijn”
was- in enthousiasme om de contacten met Wieringermeer “warm te houden”.
Uit het
gerapporteerde volgde ook dat aansluiting van nog één of meerdere gemeenten wel
gewenst was.
Ondertussen groeide
het wederzijds vertrouwen op (in ieder geval) een goed samengaan met
Wieringermeer en op 2 oktober 2008 besloten de raden van Niedorp en
Wieringermeer om elkaar op het gebied van het herindelingproces niet meer los
te laten.
Van al de genoemde
stappen werd geregeld via de pers mededeling gedaan en op dat moment kon
geconstateerd worden dat weinig Niedorpers moeite hadden met de tot dat moment
gevolgde gang van zaken.
Vervolgens werden
z.g. inspraakavonden (met o.a. een burgerpanel) gehouden en dit was dan ook het
begin van (wat) kritiek. Niet zozeer tegen de herindeling, maar tegen de keuze
van de herindelingpartner(s). Men wenste bij het kiezen voor herindelen de
richting uit te gaan van Schagen en Harenkarspel.
Tijdens de
inspraakavonden is door de raad getracht om zo goed mogelijk de gedane keuze
uit te leggen. In dit verband wordt verwezen naar de uitgebrachte rapporten (te
downloaden vanaf de gemeentelijke website http://www.niedorp.nl/10144/1/herindeling.html
), maar de raadsafgevaardigden zijn daar blijkbaar niet in geslaagd.
In de dorpsavonden
werd gesteld dat de raad niet luisterde naar de ingebrachte bezwaren. Dit is
niet juist; er werd wel degelijk geluisterd, maar de procedure nam niet die
wending zoals de bezwaarmakers wensten.
Naarmate de tijd
verstreek werd in elke gemeente het punt herindeling “hot” en dit leidde ertoe,
dat gezamenlijk aan informateur Schoof de opdracht werd gegeven om rapport uit
te brengen over de in zijn ogen meest gewenste herindeling van de Noordkop.
Deze politiek gelouterde en geheel onafhankelijk persoon presenteerde in maart
2009 te Den Oever zijn rapport “De Kop steekt de koppen bij elkaar”. Hieruit
bleek dat de informateur tot dezelfde slotconclusie kwam als die de
gemeenteraden van Niedorp en Wieringermeer voor ogen had en wel de oostelijke
variant met de gemeenten Anna Paulowna, Niedorp, Wieringen en Wieringermeer.
De raad werd door de
slotconclusie van de informateur als het ware bevestigd in haar eerder gedane
keuze. Op grond hiervan werd op 29 september j.l. wederom te Den Oever het z.g.
Arhi-1 besluit genomen, waarbij het voornemen werd uitgesproken tot het aangaan
van een fusie per 1 januari 2012 met voormelde gemeenten.
Slotconclusie: de
raad (nu met 1 stem tegen), inclusief de CDA fractie, staat nog steeds voor
haar eerder gedane keuze door te gaan voor de Oostvariant.
CDA
fractie Niedorp,
Mirella
Smit-Wit